Naar onderen

Deze pagina werkt beter in landscape modus

Meld je hier aan voor updates:

kip

Hier verschijnen in 2026 nieuwe inspiratie en funtionaliteiten

Nieuwe Verhalen

Verrassend actuele inspiratie voor het leven van 2026

Straks Luisterbaar

Inspirerende Audio — voor onderweg, in een pauze of tijdens het wandelen

Vertaald naar jou

Inspiratie voor een nieuwe generatie in normale taal over 'purpose', stress, FOMO

Pinksteren – Een Keerpunt

Essay naar een preek van ds. Aad C. Moerman | geactualiseerd door Eward A. Moerman voor een nieuwe generatie.

In dit essay wordt dieper ingegaan op de Pinksterviering zoals die in het Nieuwe Testament staat beschreven. Wat was de context, hoe was de ‘mood’ en welke verschijnselen maakten het zo bijzonder?

Vervolgens zien we hoe de Pinksterboodschap éénentwintig eeuwen later hyper actueel is: niet alleen de taal scheidt ons nu, ook algoritmische bubbels en feeds. We noemen het verhullend ‘individualisering’, maar ze leiden tot verwijdering en eenzaamheid.

Mensen zoeken veiligheid in afkomst, mening, politieke kleur, slachtofferschap of anderszins gelijkgestemden: we leven in verschillende werkelijkheden. Wat mensen werkelijk verbindt is niet een kunstmatige identiteit, maar de gezamenlijke gerichtheid op de God van Liefde.

Vooraf lezen?

Lees je de Bijbel niet (meer) zo vaak? Voor dit verhaal is geen 'voorkennis' vereist. Je kan eventueel vooraf dit stuk lezen in het Nieuwe Testament:

Handelingen 2, vers 1-13

De leerlingen bijeen op de eerste Pinksterdag

1. Pinksteren als keerpunt

Pinksteren, of het Wekenfeest, was in Jezus' tijd niet meer alleen het oorspronkelijke feest van de oogst van de tarwe en de veldvruchten. Er werden op Pinksteren nog wel offers gebracht in de tempel om de dankbaarheid voor de nieuwe oogst te tonen, maar daar deden de honderdtwintig christenen die op die eerste Pinksterdag bijeen waren zeker niet aan mee.

In de eerste plaats, omdat zij tegen de Tempelofferdienst waren. Ten tweede, omdat zij Pinksteren op een andere dag vierden dan het overige volk, omdat zij niet de maan- maar zonnekalender volgden: het waren immers de Essenen of Nazoreeërs, de broederschap die achter Jezus stond en waartoe Hij zelf ook behoorde. Pinksteren was voor hen wel het belangrijkste van alle jaarlijkse feesten. Maar voor hen was het oogstfeest geestelijk van aard geworden: ze vierden het met -en in- Jezus begonnen nieuwe verbond en de verwachte oogst van nieuwe Messias-gelovigen.

Zoals elk jaar hielden ze een Pinkstertop, een bijeenkomst waarin afgevaardigden uit de hele regio samen met de discipelen zaken van de broederschap regelden. Déze Pinksterdag was wel héél bijzonder: het was na de opstanding van Jezus, met Pasen. Het was duidelijk dat het verwachte Nieuwe Verbond door de hemel was gesticht, nu Jezus zojuist was opgestaan. Ze waren opgetogen en vol verwachting, omdat ze ook zelf hadden uitgerekend, dat op die Paasmorgen de eerste dag van Het Messiaanse Rijk was begonnen: vijftig dagen na Pasen. De laatste generatie van deze tijd was begonnen...

Deze laatste generatie moest als het ‘Ware Israël’ (de Nazoreeërs waren dat dus volgens hen) de boodschap onder alle volkeren uitdragen. Dan zou na één generatie het Koninkrijk van de Hemel beginnen. Jezus zou terugkomen op de wolken en de messiaanse tijd zou uitbreken. Ze waren dus vol verwachting. Ook omdat Jezus vlak voor zijn hemelvaart tegen hen had gezegd in Jeruzalem te blijven en te 'blijven wachten op de belofte van de Vader'. Die belofte hield volgens Jezus' eigen woorden in: 'Jullie zullen kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over jullie komt'. Kennelijk zouden ze dus op bijzondere wijze door God zelf toegerust worden voor hun zendingsopdracht.

2. De vergadering op Sion

Volgens hun zonnekalender viel de Pinksterdag of ‘Shavuot’ altijd op een zondag. Dus is het zondagmorgen, als het gebeurt. Op die voor Jezus' broederschap zo historische Pinkstermorgen zijn ze in hun plechtige jaarlijkse vergadering bijeen, waarschijnlijk en veelzeggend op de 'berg' Sion. We weten tegenwoordig dat ze over aanzienlijke faciliteiten in Jeruzalem beschikten, waaronder die beroemde Bovenzaal, waar Jezus de maaltijd had ingesteld. Daar kunnen we de honderdtwintig bijeen vermoeden.

Honderdtwintig was een bewust gekozen getal: tien keer twaalf. Tien is in de Bijbel altijd het symbool van geografische uitbreiding en twaalf symboliseert uiteraard het aantal van de oorspronkelijke stammen van het volk Israël. Het getal honderdtwintig symboliseert daarom de door de broederschap namens Israël te beginnen wereldzending om alle volkeren te bekeren tot de Messias Jezus.

Al met al wisten ze dus wel, dat ‘Het’ die dag zou beginnen. Ze hadden immers al tientallen jaren eerder uitgerekend dat met Pasen de eerste dag begon van de laatste generatie vóórdat het rijk van de Messias gesticht zou worden. Dat werd wonderlijk door de hemel bevestigd door de opstanding van Jezus, de Messias. En Israël vierde met het Pinksterfeest de nieuwe oogst en later ook God’s Verbond bij de berg Sinaï, de gave van de Torah. Daarom was het zeer aannemelijk dat de Hemel op deze Pinksteren Het Nieuwe Verbond zou stichten. En hen met Heilige Geest zou toerusten om de wereldoogst voor de Messias te gaan inzamelen, totdat Hij na één generatie zou terugkeren uit de hemel, om zijn Messiaanse Rijk te stichten op aarde. Op dat laatste punt zouden ze zich vergissen, maar in het eerste niet.

De jaarlijkse vergadering van de broederschap in Jeruzalem

Daarom spreekt Petrus straks in zijn Pinksterpreek over de profetie van Joël en 'Het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van mijn Geest op alle vlees'. De laatste etappe was begonnen...

3. De liturgie van de broederschap

Omdat het Pinksterfeest het feest was van de vernieuwing van het Verbond op de Sinaï, hield op die dag de honderdtwintig leden tellende Hoge Raad van de Esseense Broederschap haar jaarlijkse vergadering in Jeruzalem. Daarvoor kwamen ze vanuit de hele regio, om samen met de kerndiscipelen zaken te bespreken, geschillen te beslechten en nieuwe leden tot hun verbond toe te laten.

De liturgie van de broederschap in de Bovenzaal

Dankzij de Dode Zee-rollen weten we nu hoe de liturgie en gang van zaken er op die eerste christelijke Pinksterdag uitzag. We moeten ons in de ruime Bovenzaal honderdtwintig in witte toga's geklede mannen voorstellen, die na het regelen van de zakelijke aangelegenheden overgaan tot de Pinksterviering. Ze beginnen zegenbeden aan God op te zeggen, waarop de aspirant-leden antwoorden met ‘Amen! Amen!’ Dan brengt men elkaar Gods zegeningen uit het verleden in herinnering, gevolgd door een vergelijkbare opsomming van zonden van het volk. Dit vindt zijn hoogtepunt in de openbare belijdenis: 'Wij hebben gedwaald!' Na deze belijdenis zegenen ze elkaar en spreken een officiële veroordeling uit over wat zij noemen: 'de bende van Satan', dat zijn de afvalligen van het volk. Afgesloten wordt met de waarschuwing: 'Vervloekt is de mens die dit verbond aangaat terwijl hij afgoden meedraagt in zijn hart. Hij zal van de Zonen des Lichts afgesneden worden'. Vandaar dat Petrus in zijn Pinkstertoespraak het straks zal hebben over: 'Laat u behouden uit dit verkeerde geslacht!' Ergens aan het einde van deze vaste viering moet de uitstorting van de Heilige Geest zijn begonnen.

4. ‘Tongen als van vuur’

Voordat we de ook voor ons nu nog geldende betekenis van de uitstorting van de Heilige Geest doordenken, moeten we eerst stilstaan bij de verschijnselen in het Pinksterverhaal. Dat zijn er drie: tongen als van vuur, de zogenaamde tongentaal en ten slotte de verschillende tongvallen of talen.

Eerst die 'tongen als van vuur'. Sinds de introductie van de Kirlian-fotografie kunnen wij het menselijk energielichaam fotograferen, dankzij de uitvinding van de gelijknamige Russische ingenieur. Onder onze voorouders waren er blijkbaar nogal wat mensen die dit energielichaam met hun zintuigen konden waarnemen. We danken er de vele afbeeldingen van halo's rond heiligenhoofden aan. Ook nu nog hebben we het overigens over uitstraling en over een ‘koud’ of ‘warm’ mens. Maar de halo's of aura's op deze Pinksterdag kwamen volgens de schrijver niet úit de aanwezigen, maar 'zetten zich óp ieder van hen', staat er met zoveel woorden.

Het was dus een van buitenaf komende, hemelse energie, een warming-up van hun psychische persoonlijkheid. Dat wil zeggen dat de Heilige Geest een mens ook in zijn persoonlijkheid wil veranderen. Vuur is een symbool van transformatie, omvorming tot iemand anders. In vuur verbrandt het voorwerp, waardoor plaats wordt gemaakt voor iets anders, iets geestelijkers: het stoffelijke verbrandt er immers in.

De warming-up van hun persoonlijkheid met die vuurtongen verbeeldt duidelijk, dat de Heilige Geest ons tot warme mensen maken wil. En warme mensen zijn mensen die medemensen liefhebben. Bovendien werden ze warmgemaakt voor de verkondiging van Jezus' evangelie, dat de boodschap van de Liefde is

Het eerste criterium voor ons van Heilige Geest is dus, of we warme, liefhebbende mensen zijn, of willen worden. Ten tweede uit de Heilige Geest zich al of niet ín ons, in de vraag of we de drang en durf hebben om het evangelie onder de mensen te verkondigen. Ten slotte, en niet in de laatste plaats, wil de Geest kennelijk onze hele persoonlijkheid omvormen tot wat we van nature niet zijn. Daarom mogen christenen nooit zeggen: 'ik ben nu eenmaal zo', maar mogen en moeten we ons steeds weer en steeds meer met een bewuste intentie openstellen voor Heilige Geest. Laten we zó voortaan onze dagen eens beginnen en eindigen...

'En het zette zich op ieder van hen'. De westerse mens moet hier goed naar luisteren. De Heilige Geest dwingt niet, maar wil wel bij ons binnenkomen. Maar wij moeten de Geest toelaten. Hij 'zet zich op' ons, maar hij breekt niet binnen. Wij moeten ons bewust openstellen...

Tongen als van vuur boven de aanwezigen

5. Tongentaal en herstel

Het tweede verschijnsel is tongentaal. Het is het minst belangrijke fenomeen van Pinksteren. Christelijk-psychologische onderzoeken sinds 1960 laten zien dat het iets heel persoonlijks is: een helende terugkeer naar de kindertijd, waarin we beginnen te praten. Ook is wetenschappelijk tot nu toe niet bewezen, dat ooit iemand die tongentaal spreekt, een bestaande of vroeger bestaande taal spreekt. Kennelijk is het een zuiver emotioneel fenomeen, bedoeld om de eigen persoonlijkheid een steuntje te geven en gevoelsmatig meer met zichzelf in het reine te komen.

Innerlijk herstel en de beweging van wanhoop naar verbondenheid

De apostelen spreken later bij hun zending immers nooit meer in tongen en de apostel Paulus geeft toe, dat hij weliswaar volop in tongen spreekt, maar dat hij er alleen zelf wat aan heeft en verder niemand. Daarom, zegt hij, moet je in de samenkomsten je tong maar bedwingen. En hij voegt eraan toe, veelbetekenend: 'Streef dan naar de hoogste gaven' en dan komt hij met de beroemde hymne op de liefde. Waaruit opnieuw blijkt, dat de liefde de kerngave van de Heilige Geest is, wat ook al bleek uit de warming-up door de 'tongen als van vuur'. Logisch zet de Geest zich eerst op ieder, vragend om binnengelaten te worden. Vervolgens treedt tongentaal op, om het individu meer op orde te brengen of emotioneel te genezen, zodat onze persoonlijkheid geschikt wordt voor de eigenlijke taak

Het talenwonder maakt de boodschap verstaanbaar voor alle volkeren

6. Het Talenwonder

De verzamelde menigte uit de volkeren zegt verwonderd tegen elkaar: 'Hoe horen wij dan ieder van ons in onze eigen taal, waarin wij geboren zijn'. Het talenwonder is het derde verschijnsel van de Heilige Geest en om dít fenomeen blijkt Pinksteren te gaan. We moeten voor een goed begrip bedenken, dat het talenwonder op zichzelf een overbodig verschijnsel was. Want in die tijd sprak en verstond iedereen immers de Griekse taal, zoals dat tegenwoordig met het Engels het geval is. Het was dus voor de apostelen helemaal niet nodig om Elamitisch of Pamfylisch te spreken. Toch doen ze het door Heilige Geest, en ook nog Partisch en Arabisch enzovoort

De verzamelde menigte zegt 'buiten zichzelf van verwondering': 'Zie, zijn niet al dezen, die daar spreken, Galileeërs?' Galileeërs spraken hun eigen Aramese taal met een zwaar accent, zodat de Judeeërs onmiddellijk hoorden dat ze uit de provincie kwamen. En nu staan ze keurig Frygisch en Egyptisch te spreken?! Galileeërs waren dus, zoals we ook tegenwoordig deze term gebruiken, 'provinciaals'. Dat wil zeggen: in de gevoelswaarde van toen waren ze op zichzelf betrokken en -in elk geval volgens de Judeeërs en zeker die Joden daar uit de volkeren- zeer beperkt in hun besef van de Grote Wereld. En nu laat de Heilige Geest hen in alle belangrijkere wereldtalen spreken! Nogmaals, niet omdat dat nodig was vanwege de hun gegeven zendingstaak, want iedereen verstond en sprak Grieks. De Heilige Geest wil hiermee dus kennelijk iets duidelijk maken. En na de vuurtongen en tongentaal is het dát wat Pinksteren wezenlijk bedoelt te zijn.

7. Een verbindende kracht

Allereerst betekent het talenwonder, dat alle nationalisme en provincialisme verkeerd is, want egocentrisch en/of kunstmatig. Maar vooral wil het Pinkstergebeuren positief zeggen wat dan wel de enige mogelijke verenigende invloed is in de mensheid, die een betere samenleving in de wereld mogelijk zal maken.

‘Wij horen hen in onze eigen taal van de grote daden van God spreken’, zeggen de toehoorders tegen elkaar. De verenigende factor die de mensheid dus kan samenbrengen, is de gezamenlijke verering van God. Geen kunstmatig nationalisme kan verenigen, want geen zinnig mens gelooft daar nog in, alleen de heersers die daar belang bij hebben. Geen ideologie kan de mensen verenigen, want er zal naast míjn ideologie altijd een andere ideologie zijn, waarin mijn buren geloven.

Onze gedachtenpakketten zijn steeds meer verschillend. Dit verhindert sociale contacten, toenadering en vriendschappen. In onze tijd zien we dat scherper dan ooit. We spreken niet alleen verschillende talen, we leven ook in verschillende werkelijkheden. Algoritmen bevestigen ons in wat we al dachten. Meningen worden identiteiten. Identiteiten worden grenzen. Grenzen worden muren. Verhullend noemen we dat individualisering. Feitelijk betekent het fundamentele ontbinding en existentiële vereenzaming.

Zo ontstaat een wereld waarin mensen elkaar nog wel horen, maar niet meer verstaan. We noemen het ‘vrijheid van meningsuiting’ of ‘persoonlijke autonomie’, maar vaak is het gewoon een moderne vorm van Babel: iedereen spreekt, maar de gemeenschap valt uiteen. Met zorg zien we het gebeuren en ons overkomen, maar we hebben geen antwoord.

Juist dáárom is Pinksteren zo actueel. De Heilige Geest maakt de mensen niet allemaal hetzelfde. De Arabier blijft Arabier, de Egyptenaar blijft Egyptenaar. Maar zij horen wél dezelfde grote daden van God. Het wonder is dus niet dat alle verschillen verdwijnen, maar dat de verschillen niet langer het laatste woord hebben. Waar mensen zich samen richten op de God van liefde, ontstaat een verbondenheid die dieper gaat dan afkomst, taal, politieke overtuiging of levensstijl. Niet omdat iedereen hetzelfde denkt, maar omdat iedereen wordt weggeroepen uit zichzelf, naar God en naar elkaar. Dat is de echte genezing van onze tijd: niet nog meer zelfexpressie, maar heroriëntatie. Niet de mens als middelpunt, maar de verering van de God van de liefde, de kracht die zich richt op de ander. Het Messiaanse Rijk houdt niets anders in dan dat!

Overname toegestaan met bronvermelding en verwijzing naar deze webpagina
Mensen zoeken verbondenheid voorbij afzondering en eenzaamheid

Meld je hier aan voor updates:

Back to top